Nieuws 28 juni 2019

Economische Verkenning Rotterdam in gesprek met partner Inholland

‘Duurzaam voedselsysteem voor Rotterdam wordt een uitdaging’

redacteur: Lilian Suurmeijer

Drs. G.M.C. (Jet) de Ranitz - voorzitter College van Bestuur Inholland

Voor de Economische Verkenning Rotterdam (EVR) werken partners samen, die een belangrijke rol spelen bij de ontwikkeling van Rotterdam als economisch sterke stad en regio. Wie zijn zij en wat is hun visie op de economische ontwikkelingen in Rotterdam? Lees de reeks interviews met alle partners. EVR sprak met Jet de Ranitz, voorzitter College van Bestuur Inholland: ‘Er komt veel kijken bij een duurzaam voedselsysteem, er zit een hele keten van bedrijven achter. En alle beroepen die daarbij horen, waarvoor wij toekomstbestendige professionals opleiden.’

Inholland is een hogeschool met onderwijs voor studenten en professionals. Op diverse locaties in de Randstad biedt de hogeschool brede en voor het regionale werkveld herkenbare bacheloropleidingen aan op diverse interessegebieden: van gezondheidszorg tot economie en van techniek tot onderwijs. De kernwaarden zijn: duurzaam, gezond en creatief. Studenten en docenten werken op deze gebieden samen met ondernemers, overheden, non-profitorganisaties en onderwijs- en onderzoeksinstellingen om toepasbare kennis te ontwikkelen. Hogeschool Inholland doet daarnaast praktijkgericht onderzoek. Lectoren, onderzoekers en studenten werken nauw samen met de beroepspraktijk en samenleving aan (maatschappelijke) vraagstukken, passend bij hun kernwaarden. Deze nieuwe inzichten implementeren ze in hun onderwijs. En de resultaten, oplossingen en innovaties leveren een belangrijke bijdrage aan het werkveld en de maatschappij.

Verbinding met de stad

‘Er is veel potentie in de stad’, zegt De Ranitz, ’wij proberen die te ontsluiten. Zo leiden we onder andere nieuwe ondernemers op. We werken met praktijkvoorbeelden; onze onderzoeken gaan over échte vragen van échte ondernemers. Dat is erg leerzaam voor de studenten en het geeft ze veel voldoening om een bijdrage te kunnen leveren aan de oplossing van een concreet vraagstuk. Bijvoorbeeld: waarom werkt een winkelstraat wel of niet? Of op het gebied van sociaal ondernemerschap: hoe kunnen we leegstaande panden gebruiken en nieuw elan geven? Ook hebben we het loket Zuid Onderneemt, waar studenten ondernemers helpen die daar met hun vragen terecht kunnen. Op deze manier zoeken we verbinding met de stad en vergaren we kennis. Deze kennis leveren we als input aan onder meer de Economische Verkenning Rotterdam. Anderzijds halen we informatie bij de EVR over wat nodig is in de stad. Zo kunnen wij toetsen of wat we doen het antwoord is op die vraag. De EVR is een belangrijk netwerk; als je verder wilt komen als stad heb je de mensen nodig om dit mee te verwezenlijken. Je moet het samen doen: de één kan niet zonder de ander.’

Klaarstomen voor de toekomst

‘We kijken ook naar hoe werk verandert door de komst van technologie’, vervolgt De Ranitz. ‘Mensenwerk blijft, maar zal veranderen. De manier waarop een beroep wordt ingevuld zal dus ook veranderen. We onderzoeken wat de positie is van de mens, hoe we dit zo goed mogelijk kunnen vormgeven. Uiteraard moeten we onze opleidingen hierop aanpassen. Denk aan de opleiding Food Commerce & Technology: de toekomstige foodprofessional krijgt te maken met uitdagingen voor de voedselindustrie, want achter voeding zit een complete keten van bedrijven die zorgt voor gezonde, duurzame en veilige producten. Of bijvoorbeeld de opleiding Landscape & Environment Management die gericht is op vernieuwende oplossingen voor de problemen rond ruimtegebrek en milieu in de stad. We kijken vooral ook hoe we mogelijkheden in de eigen regio kunnen benutten.’

‘Tegelijk willen we studenten klaarstomen voor de toekomst door ze bijvoorbeeld vaardigheden aan te leren zoals out of the box denken. Jongeren zitten veel op sociale media, die toch een beetje een bubbel vormen waar ze afgeschermd worden voor bijvoorbeeld andersdenkenden. Dat is in het echte leven natuurlijk niet zo en we leren ze daarmee omgaan.’

Duurzame voedselvoorziening

De Ranitz: ‘Wij vinden onder meer voedselvoorziening een belangrijk economisch thema. Hoe gaan we in de toekomst 700.000 Rotterdammers van gezond voedsel voorzien op een duurzame manier? Dat wordt een uitdaging. Er komt veel bij kijken: het gaat niet alleen om de productie maar ook om de hele keten van sectoren erachter zoals logistiek, afvalstromen, klimaatverandering, gezondheid enzovoort. En dus ook alle beroepen die daarbij horen. Met al deze disciplines moeten we dit vraagstuk aanpakken. Dat vraagt om een creatieve manier van denken. Bijvoorbeeld waarde toekennen aan afvalstromen om recycling te bevorderen. Of investeringen in duurzaamheid lonend maken, in plaats van dat het een kostenpost is zoals nu. Technologie kan helpen om het beter en slimmer te doen. We moeten goed bestuderen hoe we technologie zó kunnen toepassen, dat we de mens niet uit het oog verliezen maar wél onze maatschappelijke problemen oplossen.’ Lees de volledige partnerbijdrage van Inholland: Rotterdam heeft een duurzaam voedselsysteem nodig.

De schouders eronder zetten

‘Een Rotterdam dat nog schoner en leefbaarder is zou mooi zijn voor de toekomst’, vindt De Ranitz. ‘We kunnen de maatregelen voor lucht- en waterkwaliteit nog verbeteren, zodat we de vervuiling terugdringen die het industriële randje van Rotterdam veroorzaakt. Ik denk dat er meer mogelijkheden moeten komen om straten en daken groener te maken; meer ruimte voor private initiatieven. Een nog betere balans tussen natuur en bebouwde omgeving. Ik denk dat het kan. De schouders eronder zetten is Rotterdams. Dus zeker in een stad als Rotterdam moet dit lukken.’

Meer nieuws

Terug naar boven

Bekijk meer cijfers

Bekijk het EVR dashboard